FAQ KdFi

Meest gestelde vragen (FAQ):

Let op: De KdFi 1.3 was een fantastisch product. Met de KDFI 1.4 hebben we de nodige problemen gehad. Wij raden u de producten van K-DATA af en verkopen deze dan ook niet meer. Onderstaande gegevens zijn ter referentie. Zoekt u een alternatief, kijk dan naar de U-EMS4. Deze draait op dezelfde software, zit slimmer in elkaar (o.a. met standaard USB, Bluetooth en RS232 communicatie) en deze kent geen complicaties. Helaas zijn deze niet "Plug&Play" verkrijgbaar. 

1. de FAQ

2. installatie vragen (de aansluiting uitgelegd)

FAQ

Is KdFi wat voor mij ?

Een vrij programmeerbaar systeem is geschikt voor mensen die "meer" willen van hun motor. Een aantal voorbeelden: de wat oudere L-jettronic heeft een weegklep in het inlaat-systeem. Deze pakt 10-15% van het vermogen weg door de drukval achter de klep. Met KdFi vervalt deze klep door toepassing van een MAP sensor.

Het is ook wat voor mensen die een motor in een auto bouwen die daar oorspronkelijk nooit heeft ingezeten. Vaak is de fabrieks-kabelboom erg ondoorzichtig en kan het makkelijker zijn een nieuw systeem te installeren dan de gehele draadboom over te nemen en in te bouwen. Bij deze is het dus ook mogelijk geworden een injectie-motor in te bouwen in een auto waar oorspronkelijk een carburateur of K-jet motor in zat. Denk aan een 20V turbo-motor in een Golf1. Of aan een Subaru motor in een Buggy.

Het is ook een leuk systeem voor een classic die af-fabriek van een erg slecht systeem was voorzien. Neem het D-jettronic van Bosch. Maar ook voor nieuwere systemen waarvan de luchtweger niet goed meer werkt en een nieuwe zeer kostbaar is.

Met dit systeem is het ook mogelijk de motor verder te verbeteren met andere nokkenassen, Individual Throttle Bodies (ITB's), een turbo of compressor. Ook is het systeem goed te gebruiken in de cross of in de racerij.

Verder kan dit systeem gecombineerd worden met onze LPG produkten.

In welke klasse valt dit systeem ?

KdFi kan qua prijsklasse gezien worden als entry-level motormanagement systeem. Toch is het systeem zeer robuust en stabiel en laten de functies verder weinig te wensen over. We boeken telkens weer uitstekende resultaten op diverse motoren en hoewel we ervaring hebben met het afstellen van veel duurdere merken zoals Adaptronic, Halltech, Emerald, KMS vinden we deze toch een stuk lastiger om (goed) af te stellen en de werking is niet merkbaar of meetbaar beter. Daarnaast komen er met zeer grote regelmaat updates van de firmware waardoor er weet nieuwe functionaliteiten beschikbaar komen om de motor nóg beter af te stellen. In het begin keken wij ook met een scheef oog naar het systeem vanwege de prijs. Maar nu werken we liever met dit systeem dan met systemen die 2x de aanschafprijs van de KDFI zijn. Dit vanwege de uitstekende software, prima hardware uitvoering en stabiele werking !

Moet ik nog iets doen vóór ik KdFi installeer ?

De motor moet in goede staat zijn. Geen injectie / ontstekingssysteem ter wereld kan mechanische problemen teniet kan doen. Kleppen dienen goed afgesteld te zijn, de compressie moet gelijk zijn over de cilinders en de nokkenassen moeten op tijd staan. Het is geen grap: ik heb een keer meegemaakt dat de nokkenas tijdens het opstarten 90 graden verkeerd stond. Gelukkig betrof het een vrijloper... 

Wat heb ik behalve een KdFi nodig om mijn motor draaiende te krijgen ?

Een motormanagement systeem werkt met een aantal sensoren en een aantal actuatoren. Minimaal benodigd zijn de volgende sensoren:

  • Koelvloeistof temperatuursensor
  • Inlaatlucht temperatuur sensor
  • Gasklep positie sensor
  • Krukasopnemer met een triggerwheel
  • Lambda-sensor (breedband type)
  • MAP sensor (in ECU ingebouwd)

En de volgende actuatoren:

  • Brandstofpomp (+drukregelaar)
  • Injectoren
  • Bobine

Zijn mijn sensoren compatible ?

Indien de auto al is voorzien van een injectiesysteem dan zullen de meeste sensoren herbruikbaar zijn. Alle typen temperatuur sensoren zullen werken indien ze 2-polig zijn uitgevoerd. Bosch sensoren zijn voor-gecalibreerd, anderen zijn in te stellen in de software. De gasklep-positiesensor dient van het type potentiometer te zijn. Dat wil zeggen: tussen de buitenste pootjes is een vaste weerstand te meten (meestal 5-10 kOhm) en tussen het middelste pootje en een van de buitenste pootjes is een variabele weerstand te meten indien de gasklep gedraaid wordt. De lambda-sensor is enkel bruikbaar als dit een 5 draads sensor is.

Kan ik de "actuatoren" allemaal gebruiken ?

De actuatoren zijn vrijwel altijd bruikbaar. Zie echter "Stappenmotor".

Hoeveel injectoren kan ik veilig aansturen ?

Het systeem is getest op een auto met 6 injectoren van 2,7 Ohm zonder dat dit problemen gaf. Het systeem is voorzien van een software setting die de stroom regelbaar kan reduceren door de injector (Pulse Width Modulation stroombegrenzing). De eindtrappen van de KDFI zijn uitgelegd op 10 Ampere per stuk. Indien u dus lange dutycycles gebruikt met 6 laagimpedantie injectoren dan kan u toch in de problemen raken. Wij kunnen tegen meerprijs de KDFI voorzien van sterkere injectortrappen.

Is mijn toerental-opnemer geschikt ? 

De krukas pulley of het vliegwiel dient te zijn voorzien van een triggerwheel met een 60-2 of een 36-1 patroon. Vaak is dit al het geval. Andere patronen worden ook ondersteund. Het systeem kan eventueel ook draaien op een sensor in de verdelerkap, maar wij raden dit af omdat het technisch gezien minder goed is. Wij verkopen ook losse getande wielen van erg fraaie kwaliteit. Deze zijn op de krukaspulley te monteren, zo is iedere motor om te bouwen naar injectie en verdelerloze ontsteking.

Kan ik mijn 1/2/3/4 draads lambda-sensor gebruiken in combinatie met KdFi ?

Ja, dit kan. De "normale" lambda-sensor heeft echter een zeer beperkt meetbereik. Ze kan alleen meten of de motor lambda=1 draait. De overige aanwijzingen zullen zijn: rijk / arm. Maar niet hoeveel te rijk of arm. Dit maakt deze sensor erg moeilijk te gebruiken tijdens het tunen. Bovendien is de sensor niet te gebruiken onder vollast waar we graag met een rijker mengsel willen werken. Wij raden de "normale" lambda-sensor af. In combinatie met de breedband lambda-sensor kan het systeem in het hele bereik "closed-loop" draaien. Dat houdt in: indien het mengsel niet de voor-ingestelde waarde heeft dan zal de KdFi een correctie uitvoeren. Altijd het perfecte mengsel dus !

Hoe zit het met stappenmotoren voor stationair-loop ?

De KdFi heeft de mogelijkheid om een PWM-Fast-Idle valve aan te sturen. Stappenmotoren zijn NIET ondersteund. PWM staat voor "Pulse Width Modulation". Ze zijn te herkennen aan hun 2-3 draads aansluiting. 2 draads hebben inwendig een veer, drie draads worden electro-magnetisch dicht getrokken. Beide kunnen worden gebruikt. Gebruik een vrijloopdiode in de kabelboom om de electronica te beschermen tegen uitschakelpieken.

Wat omvat de levering ? 

Indien u een KdFi besteld is dat een Printplaat bestukt met electronica. Standaard staat deze ingesteld voor een enkele bobine en een VR-type krukas-opnemer. Het is de bedoeling dat u zelf de KdFi in een behuizing maakt, maar wij kunnen dit ook voor u doen tegen meerprijs. 

Is het installeren moeilijk ?

Ja en nee. Elektrische installaties aanleggen in auto's blijkt een vak appart. Ik ben heel wat goed bedoelde warboel tegen gekomen, maar ik heb ook schoolvoorbeelden gezien.  Uiteindelijk is het aantal sensoren die op de motor aanwezig moeten zijn op 1 hand te tellen. Het aantal actuatoren is zelfs nog minder.

Is het afstellen moeilijk ?

Ik zie mensen nog wel eens verloren raken in het aantal settings wat je kan kiezen in de software. Op zich is het afstellen helemaal niet ingewikkeld als je weet waar je op moet letten. Ik kan een datasetje maken indien ik alle gegevens heb van de motor waarmee de motor in iedergeval de eerste poging zal moeten aanslaan. Vanaf dat punt hoef je je enkel bezig te houden met het afstellen van het brandstofmengsel. Daarna komt het ontstekingstijdstip. Veel later zet je de puntjes op de i met acceleratie-hoeveelheid en het fijnslijpen van de settings en afstellingen. Eventueel kunt u ook langs komen met de auto. Indien deze straatwaardig is heb ik deze in minder 3 uur samen met u volledig afgesteld en heb ik u het nodige verteld wat u moet weten om de afstelling nog verder te perfectioneren.

Welke software wordt gebruikt ?

De software die wordt gebruikt is "MegaTune", "TunerStudio", "MegaLogViewer". Als firmware wordt de MSextra-code gebruikt (www.msextra.com) Gebruik is identiek aan MegaSquirt.

Is de KdFi een kopie van MegaSquirt ?

KdFi gebruikt dezelfde processor en dezelfde firmware. De layout en de circuits zijn dusdanig verbeterd dat er geen sprake meer van een kopie is. Verder is het systeem in een fabriek geassembleerd en daardoor van konstante kwaliteit. Dit in tegenstelling tot MegaSquirt die vaak door onkundige mensen worden geassembleerd. Er zijn ten opzichte van een MegaSquirt echter veel meer functies standaard beschikbaar.

Kan KdFi de ontsteking verdelerloos regelen (COP / DIS) ?

Ja, in combinatie met een triggerwheel met een missende tand en een krukas-positie-sensor kan KdFi de ontsteking regelen tot en met een V8 in wasted-spark modus. Er zijn totaal 8 plaatsen voor ontsteking-drivers. Dus ook de twin-spark auto's met 8 bobine's kunnen voorzien worden van KdFi. Een viercilinder kan full-sequentiele ontsteking krijgen maar daarvoor is wel een nokkenas-sensor nodig.

Ik heb een 5 cilinder, werkt dat met KdFi?

Een 5-cilinder kan worden aangestuurd als deze een verdelerkap heeft. Verder zou in theorie de KdFi omgebouwd kunnen worden zodat de 5e bobine aansturing vrij gemaakt kan worden (JS5  is de 5e en JS4 is de 6e). Daarnaast dient JS10 vrijgemnaakt te worden voor een nokkenas sensor. Een nog niet geteste mogenlijkheid is het instellen van de KdFi als V10 motor waardoor de computer iedere rotatie 5x zal vonken. Een nokkenas sensor is dan niet benodigd en enkel JS5 (knock-sensor circuit) zal afgekoppeld moeten worden.

Kan BS-Autotune ook de drivers voor extra bobine's leveren en installeren ?

Ja, dat kan. Ze zijn niet duur en tegen een kleine vergoeding kunnen wij ze plaatsen en configureren.

Wat als mijn bobine's zijn voorzien van een interne driver zoals bij veel bobine's van VAG ?

In dat geval kan de driver weggenomen worden en door middel van een brug op het boardje kan het signaal doorgegeven worden aan de driver op de bobine. Het makkelijkste is het om van de niet geinstalleerde driver pin 1 te nemen. Hier komt een 5 volt puls signaal af en deze heeft een voorschakelweerstand van 680 ohm. Er kan echter ook een pull-up methode worden gebruikt waardoor modificaties aan de KDFI onnodig zijn en de electronica geïsoleerd is van de bobine.

Ik heb wel eens wat gehoord over EDIS, kan dit in combinatie met KdFi ?

EDIS is een systeem dat lange tijd is gebruikt door Ford. Het is een mooi systeem maar ALS er wat mis gaat dan is het lastig de storing te vinden. Wij raden daarom af EDIS te gebruiken. De bobine van EDIS is overigens wel te gebruiken. Het triggerwheel en de toerental-opnemer (VR sensor) ook. Je laat enkel de tussenmodule weg. Het IS mogelijk met EDIS te werken. Maar ik raad het af.

Waarom wordt de KdFi niet standaard in een behuizing geleverd ?

Er is veel vraag naar een motormanagement systeem wat in de kast van het bestaande motormanagement systeem gebouwd kan worden. De kabelboom kan dan behouden blijven. Het is mogelijk een behuizing mee te bestellen. Wij kunnen tegen meerprijs de KdFi ook in een behuizing leveren.

Hoe werkt dat met USB ?

Wij zijn zeer tevreden met de werking van de USB poort op de KdFi. In de praktijk blijkt ze stabiel en we hebben haar nog niet kunnen betrappen op crashen / uitvallen / onderbrekingen zoals dat met USB-Serial converters vaak het geval is. Er zit een kleine vertraging tussen het aanzetten van de KdFi en het moment dat MegaTune ziet dat KdFi aan de PC hangt. Omdat er bijna geen laptop meer te koop is met een seriële COM poort ( RS232 ) is de standaard USB aansluiting zeer welkom.

Wat als ik problemen heb met mijn KdFi ?

Wij ondersteunen het produkt. Dit kan telefonisch of per mail. Het moet echter niet zo zijn dat we meer tijd kwijt zijn aan het ondersteunen van het project dan het bouwen ervan. Vaak zien we echter dat mensen met een klein zetje in de goede richting tot oplossingen komen. Verder hebben wij een werkplaats waar wij onder andere KdFi inbouwen en kunnen wij de afstelling voor u verzorgen. Wij kunnen ook de KdFi nakijken indien deze problemen geeft. Wij kunnen ook de auto en de installatie in zijn totaliteit onderzoeken in onze werkplaats. Mocht u helemaal vastlopen met uw project, dan maken wij het graag voor u af ! Ons werkplaatstarief is 50 euro per uur en afstellen kan in 3 uur tijd gebeuren als alles juist is geïnstalleerd.

Wat als ik nog meer vragen heb ?

Stel ze vooral ! Dan kan ik de FAQ aanvullen !

Op zaterdagen geef ik een cursus met behulp van de KDFI hard- en software. Dit is zeer nuttig voor mensen die zelf een KDFI willen gaan inbouwen / tunen. Hier zijn kosten aan verbonden, maar ik kan het van harte aanraden. Ik krijg veel positieve reakties. Zie ook deze website onder "Cursus".

Mail of bel wel even van te voren want het maximale deelnemersaantal is 15.

installatie vragen

Het KdFi heeft een aantal aansluitingen. Ik zal proberen de aansluiting ervan toe te lichten:

Allereerst het aansluitblok, daar vind u de volgende aansluitingen:

HALL

Dit is de aansluiting voor de motortoerental (en positie) sensor. Deze kan gebruikt worden indien er een HALL sensor toegepast wordt (verdelerontsteking). Lees de gebruikershandleiding goed indien deze sensoren gebruikt worden.

Een HALL sensor is niet geschikt als opnemer op krukassnelheid. Boven de 3000 toeren worden ze in de regel onstabiel en ze zijn minder precies als de inductieve opnemers (de VR sensoren). In sommige VW appilcaties worden wel HALL krukassensoren gebruikt.

RPM

Hier kan de plus van de VR sensor op aangesloten worden, of de aansluiting gemaakt worden als men triggert aan de minpool van de bobine. Let echter op: triggeren aan de minpool van de bobine vereist een paar electronische onderdelen. Als u geen voorzorgsmaatregelen neemt kan het opto-circuit beschadigen.

VR sensor

TBL/TS

Dit is de aansluiting om de kenvelden om te schakelen. Door deze aansluiting aan MASSA te leggen zal "Table Switching" geaktiveerd worden.

GND (diverse)

Dit zijn de aansluitingen waar de massa's van de sensoren op aangesloten kunnen worden. Tenminste 1 aansluiting dient op de massa van het voertuig aangesloten te worden.

FP

Dit is de aansluiting voor het brandstofpomp relais. Deze aansluiting schakelt aan massa. Het is dus zaak het relais een +12 Volt van het contactslot te geven en de massa van het relais aan de FP aansluiting van de KdFi te hangen. Gebruik een relais met vrijloopdiode om de electronica te beschermen tegen uitschakelpieken.

Het is een advies de relais van een vrijloop diode te voorzien.

FDL2

Dit is de aansluiting van de Fast-Idle Valve. KdFi kan een 2 of 3 draads Pulse Width Modulation stationair klep bedienen. Deze kleppen komen in diverse uitvoeringen voor. Ze zien er meestal zo uit:

PWM F-Idle Valve

De 2 draads uitvoering heeft een veer, de 3 draads uitvoering gebruikt de electromagnetische kracht om dicht te gaan en werkt in de praktijk prettiger. Zowel de 2 als de 3 draads zijn aansluitbaar op de FDL2 aansluiting. Sluit op de ene pool van de klep een plus vanaf het brandstofpomp relais (zekering 5 Ampere) en de andere kant op de FDL2. Indien u een 3-draads F-idle valve gebruikt is de middelste pool de plus, en beide buitenste polen de min. Eén ervan sluit u aan op de FDL2 (degende die de klep doet dichtgaan) en de ander gaat via een vermogensweerstand naar de massa van het voertuig.

De klep heeft een natuurlijke noodloop mogelijkheid waardoor deze door zijn sluitstand draait en weer een stukje open gaat indien de klep niet werkt. Daardoor blijft de motor toch lopen als het systeem niet zou werken. U kunt in de software een limiet zetten die de klep als minimale opening aanhoudt.

Gebruik een vrijloopdiode in de kabelboom om de electronica te beschermen tegen de uitschakelpieken.

FDL3Z

Deze aansluiting wordt gebruikt als alternatief voor de 2 draads aansluiting. De massa draad van de klep die de klep doet dichtgaan wordt nu op FDL3Z aangesloten (ZU). Een vermogensweerstand is nu niet benodigd. De FDL2 schakeling wordt echter aanbevolen, ook voor de 3 draads F-idle klep.

FDL3A

Deze aansluiting wordt gebruikt als alternatief voor de 2 draads aansluiting. De massa draad van de klep die de klep doet opengaan wordt nu op FDL3A aangesloten (AUF).

5V

De KdFi heeft een eigen spanningsvoorziening welke van de accuspanning 5 volt maakt. Deze spanning wordt gebruikt om de processor te voeden, maar ook om de TPS sensor van een referentiespanning te voorzien. De 5V aansluiting is de 5 volts aansluiting van de gasklep positie sensor. De gasklep positie sensor dient een potentio-type te zijn. Dat wil zeggen dat het een potmeter is. Er mogen GEEN schakelaars in de gasklepsensor zitten. Dit is gemakkelijk te controleren: De TPS sensor heeft 3 aansluitingen. Er is geen "klik" te horen tijdens het draaien. Verder is er een constante weerstand van 5K tot 10K Ohm tussen de uiterste 2 pinnen (pin 1 en 3). Als tussen pin 2-3 en 2-1 gemeten wordt moet er een variabele weerstand gemeten worden. Op pin 1 komt 5 Volt, op Pin 3 komt de massa van de KdFi (GND). Op de middelste pin komt de aansluiting TPS van de KdFi. Let op: indien de 5V sluiting maakt op de GND, hetgeen kan gebeuren bij onjuiste aansluiting van de TPS sensor kan dit schade aan de KdFi veroorzaken. In de meeste gevallen is dit herstelbaar. Indien er 12 volt aangesloten wordt op de 5 volt uitgang dan zal de KdFi onmiddelijk onherstelbaar kapotgaan.

Let ook op de mechanische beperkingen van de sensor: de sensor kan 2 kanten opdraaien (er bestaat geen "links" of "rechts" type) maar niet verder dan de aanslagen. Zorg dat de sensor zowel in 0-stand als in vollast-stand vrij blijft van de aanslagen. De veer in de sensor is enkel aanwezig om de spelling tussen de sensor en de gasklepas op te heffen.

Bij callibratie van de sensor mogen de waarden niet onder de 50 en niet boven de 975 komen voor een correcte werking. 

TPS aansluiting

TPS

Zie 5V

TPS sensor

OXY

Hier kan de lambda sensor op aangesloten worden. Dit kan een standaard 1-2-3 of 4 draads type zijn, maar deze zal ik u ten alle tijde afraden omdat het systeem uiterst lastig af te stellen is met deze sensoren. Bovendien is voor benzine motoren maar een beperkte closed loop regeling mogelijk met deze sensoren.

Indien u een Wideband sensor controller gebruikt (de 5-6 draads lambda-sensor met controller) dan kan u het 0-5V stuurspanningssignaal op de OXY aansluiten.

Indien u de ingebouwde JAW wideband controller gebruikt door middel van de optionele chip dan dient u een jumper door te solderen. Deze jumper verbind de V1 van de JAW met de OXY ingang. U mag dan geen aansluitingen maken op de OXY. U mag dan geen andere aansluitingen maken op de OXY aansluiting

OXY2

Indien u een V motor gebruikt en door middel van dual table de banken afzonderlijk wilt controleren in closed loop modus dan zou u de 2e lambdasensor kunnen aansluiten op OXY2.

CLT

Hier sluit u de koelvloeistof temperatuur sensor op aan. Het systeem is standaard gecalibreerd op BOSCH sensoren maar ook andere sensoren kunnen software matig geinstalleerd worden. Voorwaarde is wel dat er een 2-draads sensor gebruikt wordt. De weerstand tussen de sensoraansluitingen en de behuizing dient oneindig hoog te zijn. De massa van de temperatuursensor dient aangesloten te worden op een GND aansluiting van de KdFi. Een koelvloeistofsensor gaat niet vaak stuk maar ik heb al wel vaak meegemaakt dat deze inwendig sluiting naar massa hebben. Dit resulteert in een instabiel systeem. Ik zal u dus altijd het gebruik van nieuwe sensoren aanraden.

AIR

Hier sluit u de luchttemperatuur sensor op aan. De voorwaarden zijn gelijk aan die van de CLT sensor. Het best kan een open element sensor gebruikt worden omdat deze veel sneller in reaktie zijn.

JS2

Dit is de aansluiting voor de BOOST controller. De boostcontroller kan op verschillende manieren werken, maar de meest bekende is een 2/3 klep die de laaddruk weg laat lekken tussen de wastegate actuator en het compressorhuis van de turbo. De aansluiting van deze klep is de volgende: plus vanaf het brandstofpomp relais (5 Ampere zekering) en de massa van de boost valve aan de JS2 aansluiting. Gebruik een vrijloopdiode om de electronica tegen uitschakelpieken te beschermen. Een Boostcontrol valve ziet er zo uit:

Boostvalve

JS5

Dit is de KNOCK sensor ingang. De KdFi bevat een knock-sensor circuit (afstelbaar). U kunt de knocksensor hierop aansluiten. Gebruik in geval van een bosch stekker pin 1 als plus op JS5 en pin 2 als massa op de GND aansluiting op KdFi.

JS7

Dit is de digital input. Deze kan aan MASSA gelegd worden om aktief te maken. Hierop kan bijvoorbeeld de functie Launch control of flat shift mogelijk gemaakt worden.

JS10

JS10 is een schakelende output. Deze geeft een puls van 0-12V uit voor de aansturing van de toerenteller.

JS11

Dit is de vrij te gebruiken relais uitgang. Maar let op: deze is enkel beschikbaar indien de 4e ontstekingstrap niet gebruikt is. Op het KdFi board dient R0 doorgesoldeerd te worden en in MegaTune is de instelling te vinden onder: menu EXTENDED, Output port settings. De JS11 uitgang heet PA0. Indien de motor een V8 in wasted spark mode betreft, óf een 4 cilinder in sequentiële ontstekingsmodus dan is deze optie niet beschikbaar en dient R0 niet doorgesoldeerd te worden.

U kunt met deze uitgang bijvoorbeeld een shiftlight, een electrische fan, een overdrive / lockup, Motor indicatie lamp, Aquamist of een andere feature aansturen.

Deze uitgang is MASSA schakelend. De verbruiker dient dus op de PLUS aangesloten te zijn en JS11 legt de verbruiker aan massa. JS11 is bij uitgeschakelde spanning op de KdFi ingeschakeld, zorg er dus voor dat de verbruiker achter het contactslot is geschakeld.

Gebruik relais met een vrijloopdiode om de electronica te beschermen tegen uitschakelpiekspanningen.

12V

Dit is de voeding van KdFi. Dit mag een redelijk dunne draad zijn omdat KdFi zelf weinig stroom verbruikt. Indien de JAW gebruikt wordt loopt het verbruik wat op, maar zal onder de 5 Ampere blijven. Advies is om de voeding te zekeren met een 2Ampere zekering en in het geval dat JAW gebruikt wordt mag er een 5 Ampere zekering gebruikt worden.

JS0

JS0 is een processoruitgang. Deze bevat geen verdere electronica en zal dus zelf versterkt moeten worden met een transistor. De functie is selecteerbaar zoals JS11 maar heet nu PT6. Binnenkort meer hierover.

Seperaat treft u een blok aan met 8 aansluitingen. Deze is bedoeld om de wideband lambda sensor op aan te sluiten.

GN: Groen

GR: Grijs

GE: Geel

RT: Rood

SW: Zwart

WS: Wit

V1: Analoge uitgang 1 (blijft onaangesloten)

V2: Analoge uitgang 2 (kan gebruikt worden om een voltmeter op aan te sluiten om zo een goedkope AFR meter te verkrijgen)

 

 

Bij de rij met de 10 transistoren (en FET's) zitten de aansluitingen voor de injectoren:

INJ1 voor injectoren bank 1

INJ2 voor injectoren bank 2

INJ_GND voor de massa van de injectoren. Zorg dat deze draad een optimale massa maakt met het voertuig, het liefst aan het motorblok, aan het punt waar de massakabel van de accu op de carroserie zit, of aan de min-pool van de accu zelf.

 

Dan zijn er de aansluiting voor de bobine's. Wij raden sterk aan AKTIEVE bobine's te gebruiken (bobine's met ingebouwde voorschakelmodule). Indien de auto al is voorzien van een voorschakelmodule dan is het zinvol te bestuderen hoe deze werkt en deze te gebruiken.

Sequentiële ontsteking (één bobine per bougie en 1 vonk per arbeidsslag) kan enkel indien een nokkenaswiel wordt gebruikt in plaats van een triggerwheel op de krukas. Eventueel kan een na modificatie een nokkenas sensor worden aangesloten op JS10 waardoor er een combinatie gemaakt kan worden van 2 sensoren en sequentiële inectie mogelijk wordt. Er is echter geen technisch bezwaar tegen een wasted spark mode, zelfs niet bij extreme nokkenassen en gebruik van LPG.

Zodoende hebben wij de volgende aansluitingen te maken:

IGN_GND

Dit is de massa van de bobine's. Deze aansluiting is zeer belangrijk en staat volkomen los van de andere aansluitingen. Ze mag op hetzelfde punt aangesloten worden waar de andere massa van de KdFi op zit, maar met een eigen draad.

IGN A1

Dit is de aansluiting van bobine 1. Bij een viercilinder lijnmotor zal hiet in geval van een pasieve DIS bobine de spoel van de bobine voor cilinder 1 en 4 op worden aangesloten.

IGN A2

Dit is tevens de aansluiting voor bobine 1. De driver voor deze aansluiting is standaard niet aanwezig op de KDFI PCB, wel op de KDFI CINCH. Indien u met een AKTIEVE bobine werkt met een ingebouwde driver dan kunt u PIN1 van de transistor gebruiken om de driver van de bobine te schakelen. Wij raden echter aan een transistor te schakelen met de KDFI uitgang omdat poort niet meer dan 20mA mag leveren en er dus gevaar is voor beschadiging aan de processor. Gebruikt u per cilinder een passieve bobine dan zult u een driver moeten installeren en aansluiting IGN A2 moeten gebruiken om de 2e bobine aan te sluiten.

IGN B1

Dit is de aansluiting van bobine 2. Bij een viercilinder lijnmotor zal hiet in geval van een pasieve DIS bobine de spoel van de bobine voor cilinder 2 en 3 op worden aangesloten.

IGN B2

Zie A2

IGN C1, C2

Gelijk aan A1 en A2 maar dan voor bobine uitgang 3.

IGN D1, D2

Idem, voor 8 cilinders, niet bruikbaar icm JS11 en R0 mag niet doorgesoldeerd zijn !

Aansluiting van de DIS bobine´s:

Bij de meeste bobine´s is de middelste pool een plus. Het wordt aangeraden een ontstoringscondensator te gebruiken van 20 micro-farad. Voorbeeld van een DIS bobine:

MSD coil Ford

Bij de door ons geleverde bobine heeft u de volgende aansluitingen:

Pin 1: Trigger A (1+4)

Pin 2: 12V

Pin 3: Trigger B (2+3)

Pin 4: Massa (op motorblok)

De door ons geleverde bobine's zijn van het "aktieve" type. Let op dat u voor deze bobine's de benodigde ontstekingsdrivers nodig heeft (standaard op de KDFI Cinch) en een pull-up weerstand gebruikt. Foutief aansluiten zal schade aan de bobine veroorzaken, net als het verkeerd instellen in de software en dit valt niet onder de garantie. Het is aan te raden bij ons een projectvoorbespreking te volgen en samen met ons de installatie na te lopen voor u de bobine aankoppelt.

Indien u penbobine´s gebruikt, zullen deze in de meeste gevallen 4 aansluitingen hebben. Ook deze zijn aanstuurbaar met de KdFi, enkel verschilt de penbezetting per type (zelfs bij hetzelfde merk). De aansluiting gaat in de regel hetzelfde als bij onze aktieve DIS bobine.

Programmerbare uitgangen:

Indien de motor een viercilinder betreft dan is de uitgang van JS11 bruikbaar door de R0 jumper door te solderen. Er is dan echter nog een uitgang beschikbaar indien de driver voor Coil C geinstalleerd is. Deze is configureerbaar op dezelfde manier als JS11 maar heet nu PM4. Let op dat u de poorten die bobine's sturen niet in de software heeft toegewezen (output-port settings) als programmeerbare output, er kunnen dan rare dingen gebeuren.

Deze uitgang kan meer stroom sturen maar het blijft raadzaam een relais (met vrijloopdiode) te gebruiken. Dit is bijvoorbeeld niet nodig in het geval van een LED shiftlight.

 
< Vorige   Volgende >